Poep is geen probleem #vilttip 4

‘Geen idee of dit een goede vacht is, maar voor mij is hij speciaal.’ Zo komt mijn cursist binnen met in zijn armen een schapenvacht. Hij vilt wel eens vaker, maar geen hele vachten. Omdat hij zeker wil weten dat zijn vacht lukt, komt hij hem bij mij vilten. Het is een prachtige vacht van een Drents heideschaap. Klein en erg stevig. De vacht is geknipt en de scheerder heeft goed werk afgeleverd: zelfs de staart zit er nog aan.

De wol zit zo stevig aan elkaar, dat je de vacht met één hand kan tillen. ‘Is hij dan wel goed te vilten?’ vraagt hij. ‘Natuurlijk!’ Deze vacht is niet vérvilt. Hij is alleen stevig aaneengesloten. Het moeilijkst wordt het om de wol te verleiden om zich te mengen met de onderlaag die we gaan aanbrengen. Daarom kies ik ook voor gekaarde Drent: het zelfde type wol als de vacht zelf.

Het is koud in de deel, maar dat is geen probleem. Het eerste uur gaat op aan het schoonmaken van de vacht en klaar leggen voor het vilten. Hij is niet echt vies – alleen wat poep aan de staartkant. De poep zit alleen in de lokken, niet in de onder wol, dus voor het vilten zit het niet in de weg.

Schapenpoep is niet echt vies: gezonde schapen eten alleen groen.
De meeste poep wast er vanzelf uit tijdens het vilten.

Als we halverwege het viltproces de rand bij de staart inspecteren is de meeste poep er al uit gewassen. Gewoon vanzelf, tijdens het vilten. Zolang de mest niet in de onderlaag vastzit, is het echt geen probleem. Vilten doe je met warm water en zeep. De meeste mest wass je er al viltend uit. Wij zien dat er nog iets klei aan de lokken hangt als we halverwege zijn. We masseren de mest er tussen uit en als we klaar zijn met vilten is er geen spoor meer te zien van de mest.

Het resultaat – een prachtig Drent

2 gedachtes op “Poep is geen probleem #vilttip 4”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *